Door: Bruno Lamoral, Portfolio Manager Institutional Mandates, DPAM Ophelie Mortier, Chief Sustainable Investment Officer, DPAM Sam Vereecke, CIO Fixed Income, DPAM Didier Van De Veire, CIO Fundamental Equities, DPAM
![]() Bruno Lamoral |
![]() Ophele Mortier |
Zelfs tegen deze onzekere geopolitieke achtergrond hebben de omvang en veerkracht van AI-gerelateerde investeringen tot nu toe de verwachtingen overtroffen. Investeringen in datacenters, halfgeleiders, digitale infrastructuur en stroomcapaciteit blijven snel toenemen en helpen de economische groei en bedrijfswinsten te ondersteunen.
“In veel opzichten weegt het momentum rond AI momenteel zwaarder dan de negatieve effecten van het Iran-conflict. Beleggers blijven AI niet alleen zien als een technologisch thema, maar als een brede economische transformatie die de productiviteit, winstgevendheid en marktleiderschap de komende jaren een nieuwe wending kan geven”, zegt Didier Van De Veire, CIO Fundamental Equities bij DPAM.
![]() Sam Vereecke |
Twee nauw met elkaar verbonden vragen staan centraal. De eerste betreft de duurzaamheid van de huidige investeringscyclus. De uitgaven aan AI-infrastructuur blijven uitzonderlijk hoog, maar de markten vragen zich steeds meer af hoe lang deze acceleratiefase kan aanhouden. De tweede vraag betreft de bredere economische effecten van AI: in welke mate zal artificiële intelligentie de winstmarges, productiviteit en concurrentiepositie van ondernemingen in diverse sectoren beïnvloeden?
Naast geopolitieke onzekerheid wordt het voor beleggers steeds moeilijker om de waarderingen te negeren. Veel sectoren en regio’s noteren momenteel tegen historisch hoge waarderingsniveaus. Op korte termijn zijn waarderingen vaak een zwakke timingindicator, maar op middellange tot lange termijn betekenen hogere waarderingen doorgaans een lager toekomstig rendementspotentieel. “De combinatie van hoge waarderingen en onzekerheid over de langetermijnimplicaties van AI versterkt het belang van het vermijden van overmatige concentratie binnen portefeuilles. Beleggers zullen in toenemende mate een evenwicht moeten vinden tussen deelname aan AI-gedreven groeikansen en bredere diversificatie over sectoren, regio’s en marktkapitalisaties”, aldus Van De Veire.
De obligatiemarkten gaan de tweede helft van 2026 in met een doorgaans ondersteunend klimaat, maar ook met uitgesproken risico’s. De groei blijft veerkrachtig, de kredietfundamentals zijn solide en de vraag naar inkomsten is nog steeds sterk. Tegelijkertijd zijn de inflatieverwachtingen gestegen, blijven centrale banken zich richten op inflatie en zorgt het conflict in het Midden-Oosten voor extra onzekerheid. “De recente beweging in de inflatieverwachtingen is niet alarmerend en de curve gedraagt zich nog steeds over het algemeen verankerd. Het is echter een vroeg signaal dat aandacht verdient. De centrale banken zullen zich waarschijnlijk blijven richten op inflatie. Obligatiebeleggers moeten voorzichtig zijn met de veronderstelling dat rentegevoeligheid snel zal worden beloond, ondanks de aantrekkelijke carry”, zegt Sam Vereecke, CIO Fixed Income bij DPAM.
Dit is ook de reden waarom inflatiegelinkte obligaties nuttig blijven in portefeuilles. De post-COVID-omgeving heeft beleggers eraan herinnerd dat de inflatie volatieler kan zijn dan in het decennium voor de pandemie. Schokken aan de aanbodzijde, energiemarkten, fiscaal beleid en geopolitieke risico’s kunnen allemaal perioden creëren waarin de inflatieonzekerheid toeneemt. “Voorlopig zouden we voorzichtig blijven met renterisico. We zien nog steeds een rol weggelegd voor inflatiegelinkte obligaties als afdekking tegen een volatielere inflatiecyclus”, aldus Vereecke.
Binnen bedrijfsobligaties blijven de fundamentals gezond en zijn de technische factoren positief, maar de krappe waarderingen beperken de ruimte voor verdere spreadverkrapping. De kapitaalstromen naar Investment Grade-obligaties blijven sinds het begin van het jaar positief. Over het algemeen blijven de technische factoren ondersteunend, zonder tekenen dat de vraag inzakt.
In een omgeving van aanhoudende geopolitieke onzekerheid is het samenstellen van portefeuilles geen sinecure. De inflatiedynamiek speelt een centrale rol in de correlatie tussen aandelen en obligaties, omdat obligaties beter presteren in een omgeving met desinflatie, waar de afnemende prijsdruk ruimte creëert voor centrale banken om de rente te verlagen. In een inflatoire omgeving kan het verlagen van de vastrentende allocatie ten gunste van een energieluik de diversificatie ten opzichte van aandelen verbeteren. Energieprijzen zijn vaak een belangrijk transmissiekanaal voor hogere inflatie. Edelmetalen hebben in het verleden ook bewezen effectieve diversificatie te bieden.
Een andere vraag is of de Amerikaanse dollar in een multipolaire wereld zijn status als mondiale reservemunt kan behouden. Op dit moment is er geen enkele alternatieve valuta die de dollar écht kan vervangen. Waarschijnlijker is een lange overgangsperiode waarin de dollar geleidelijk terrein verliest als reservemunt terwijl meerdere andere valuta’s aan belang winnen. “In dit veranderende landschap is de belangrijkste uitdaging voor beleggers niet alleen om de evolutie van individuele activaklassen te beoordelen, maar ook om te begrijpen hoe hun interacties tussen regimes verschuiven. Correlaties veranderen doorheen de tijd, net zoals de diversificatievoordelen die eruit voortvloeien.”, zegt Bruno Lamoral, Portfolio Manager Institutional Mandates bij DPAM. Dat vraagt volgens DPAM om een meer dynamische en regimebewuste benadering van activaspreiding, met toegang tot reële en alternatieve activa.
De komende zes maanden zullen zich waarschijnlijk afspelen tegen een achtergrond van meer onzekerheid, gevormd door aanhoudende energiecrises, volatiele beleidssignalen en verschuivende regelgevingslandschappen. Hoewel de volatiliteit op de korte termijn aanhoudt, wordt de richting voor beleggers steeds duidelijker: langetermijntrends, met name decarbonisatie, de energietransitie, digitalisering en aanpassing aan het klimaat, zijn relevanter dan ooit. Een van de grootste uitdagingen is de volatiliteit van beleidssignalen en regelgevende kaders. Dit illustreert de risico’s die inherent zijn aan de financiering van de transitie: zowel te laat als te vroeg handelen kan problematisch zijn.
Ook de structuur van ESG-strategieën zelf blijft een aandachtspunt. Sommige beleggingsstrategieën zijn achtergebeleven op de markt omdat zij geen blootstelling hebben aan sterk presterende sectoren zoals energie en defensie. Het is echter belangrijk om ESG niet te verwarren met een algemene uitsluiting van deze sectoren. Energie omvat bijvoorbeeld niet alleen olie en gas, maar ook hernieuwbare energiebronnen, opslag, batterijen en elektrificatie. Met het recente AccelerateEU-plan van de Europese Commissie blijven de vooruitzichten op korte, middellange en lange termijn gunstig voor batterijen, elektriciteitsnetwerken en geselecteerde segmenten van industriële decarbonisatie. Het belangrijkste milieusignaal is de afvlakking van de elektriciteitsproductie uit fossiele brandstoffen, ondanks de aanhoudende groei van de elektriciteitsvraag.
![]() Didier Van de Veire |