“De ECB zal waakzaam blijven na de scherpe stijging van de energieprijzen door het conflict in het Midden-Oosten. Het is echter nog te vroeg voor de ECB voor een beleidswijziging. Veel zal afhangen van de omvang van de schok en hoe lang die aanhoudt. Voor nu is onze verwachting dat het beleid het hele jaar ongewijzigd blijft. Wel hebben we onze eerdere neerwaartse inschatting van de risico's rond het rentebeleid laten vallen”, aldus econoom Josefina Rodriguez.
De nieuwste economische cijfers sluiten grotendeels aan bij Vanguards verwachtingen, maar worden overschaduwd door de recente gebeurtenissen: de data uit het eurogebied die vóór de escalatie in het Midden-Oosten werden gepubliceerd, waren overwegend in lijn met de prognoses van december. Maar sindsdien hebben de stijgende olie- en gasprijzen nieuwe opwaartse inflatierisico’s en neerwaartse groeirisico’s gecreëerd, wat het risicobeeld op korte termijn fors verandert.
Hogere energieprijzen drukken op de groei: de stijgende olie- en aardgasprijzen door het conflict in het Midden-Oosten wegen op het groeipotentieel van het eurogebied. De impact hangt af van de persistentie van de energieschok en de beleidsreactie. Volgens Vanguards analyse kan een olieprijs van 125 dollar per vat en een gasprijs van 150 euro per megawattuur, aangehouden tot het einde van het jaar, ongeveer één procentpunt van de economische groei in 2026 wegnemen en de economie in een recessie duwen. Hoewel we nog steeds een groei van 1,2 procent verwachten voor 2026, zijn de risico’s nu duidelijk neerwaarts gericht.
Nieuwe vrees voor stagflatie, maar geen herhaling van 2022: de prijsstijgingen voor olie en gas vormen een stagflationaire schok, al liggen de niveaus nog ver onder de pieken van de Rusland–Oekraïne-oorlog in 2022. De inflatieverwachtingen op middellange termijn blijven goed verankerd, hoewel zij iets hoger uitkomen: de euro 5‑jaar‑over‑5‑jaar‑inflatieswap steeg met ongeveer 15 basispunten naar 2,19 procent. Als de energieprijzen op het huidige niveau blijven, kan de totale inflatie in maart en april ongeveer 20 basispunten stijgen, oplopend tot 60 à 70 basispunten vanaf mei door basiseffecten. Vanguard verwacht nog steeds dat de totale inflatie eind dit jaar 1,6 procent bedraagt en de kerninflatie 1,8 procent, zij het met opwaartse risico’s.
Beleidstoon verschuift richting voorzichtigheid: na zes vergaderingen waarin ECB-president Lagarde benadrukte dat het beleid “op een goede plek” stond, verwacht Vanguard nu een voorzichtiger toon. De ECB zal waarschijnlijk de nadruk leggen op opties openhouden, waakzaamheid en een afwachtende houding, en herhalen dat zij bereid is in te grijpen om prijsstabiliteit te garanderen. Een definitief oordeel over de vooruitzichten voor de middellange termijn wordt niet verwacht.
Maartprognoses: hogere inflatie, beperkte groeiverlaging: als de technische deadline voor de nieuwe ramingen tot maart zou zijn verlengd, zouden deze vermoedelijk een deel van de recente energieprijsstijging weerspiegelen. Dat kan leiden tot een hogere inflatieverwachting voor 2026, terwijl de inflatie voor 2027 nog steeds onder het doel blijft. Mogelijke neerwaartse bijstellingen van de groei in 2026 en 2027 zouden bescheiden blijven. Aanpassingen van de kerninflatie zouden miniem zijn.
Ongunstige scenario's benadrukken waarschijnlijke energieschokken: de medewerkers van de ECB zullen vermoedelijk een scenario publiceren dat uitgaat van aanhoudend hogere energieprijzen. Dat kan lijken op het scenario van december 2023, waarin een gedeeltelijke sluiting van de Straat van Hormuz werd gesimuleerd en zowel hogere inflatie als lagere groei werd verwacht door de duurdere energie, de zwakkere wereldvraag en de toegenomen onzekerheid.