Hon Hai, het moederbedrijf van ‘s werelds grootste assemblagebedrijf voor consumentenelektronica Foxconn, gaat 10.000 robots in gebruik nemen bij de productie van de langverwachte iPhone 6. De CEO van Hon Hai, Terry Gou, bevestigde onlangs in een aandeelhoudersvergadering dat Apple de allereerste klant zou zijn die van de robots gebruik zou maken. Die robotten zullen het productieproces verfijnen en versnellen.
'Een onvermijdelijke evolutie,' aldus Tim Bajarin, CEO van marktonderzoekbureau Creative Strategies: "Wanneer je miljoenen iPhones per maand maakt, wordt efficiëntie cruciaal. Robotten garanderen dat niveau van efficiëntie en dat is zeer belangrijk voor je bottom line. Het zou me niet verwonderen als ergens in de volgende jaren de robots het eindproces volledig in handen nemen.”
Begin dit jaar maakte Foxconn bekend dat het ook in de VS een fabrieken zou openen, die veelal door robots zal worden bemand. Adviesbureau McKinsey heeft de term ‘re-shoring’ al vervangen door ‘next-shoring’ waarmee men aangeeft dat de productie dichterbij de klanten wordt gevestigd teneinde snel te kunnen inspelen op lokale voorkeuren en de dreiging van tekorten te kunnen elimineren. Maar deze fabrieken zullen voornamelijk worden bemand door geavanceerde robots, die steeds complexere taken aankunnen en 3D-printers die de leveranciers van componenten zullen vervangen.
McKinsey: "Goedkopere, efficiëntere en meer bekwame robots zullen een steeds meer gevarieerde reeks menselijke taken overnemen en zijn een bijkomende reden voor producenten om hun productie opnieuw dichterbij de uiteindelijke consumentenmarkten te verhuizen, zelfs indien de lonen daar hoger zijn".
Het tempo waarin robots het werk van mensen overnemen is onrustbarend. Verwacht wordt dat binnen enkele decennia robots zowat alle jobs beter zullen doen dan mensen. Het gaat om de grootste omwenteling van de arbeidsmarkt sinds 1800 en niemand is er op voorbereid. Zeker niet de politici die graag beloven dat ze - eens aan de macht - honderdduizenden jobs zullen creëren.
Kantelt de wereldeconomie nu al duidelijk in het voordeel van de rijken, dan zullen de komende technologische disrupties die beweging enkel versterken. Van chauffeurs en soldaten over schoonmakers en vertalers tot barmannen en fabrieksarbeiders: alle komen ze in het vizier van intelligente robotwerknemers. Volgens Oxford University zouden 47% van alle huidige beroepen binnen de twintig jaar geautomatiseerd worden.'
Instagram had in 2012 bij de verkoop aan Facebook bijvoorbeeld 30 miljoen klanten en 13 werknemers terwijl Kodak, dat enkele maanden eerder het faillissement had aangevraagd, ooit 145.000 mensen tewerkstelde. De sociale gevolgen van de robotisering zullen, net zoals die van de digitalisering, immens zijn. De meest bedreigde jobs zijn laagbetaald en de meest resistente hoogbetaald, wat de sociale ongelijkheid verder op de spits zal drijven. Politici die zich echter tegen de innovatie afzetten, het minimumloon willen verhogen of de welvaart willen herverdelen, zullen het tegenovergestelde bereiken door de concurrentiekracht te fnuiken, robots nog aantrekkelijker te maken en/of een exodus van talent en kapitaal te veroorzaken.
Wat beleidsmakers dan wel kunnen doen is het onderwijs hervormen. Een nieuwe generatie van creatievelingen zal nodig zijn om te kunnen concurreren met computers. Er is ook meer aandacht nodig voor de cognitieve vorming van zeer jonge kinderen en er zijn goede argumenten voor extra uitkeringen aan benadeelde werknemers en misschien zelfs een gegarandeerd basisinkomen.
Bron: Express.be